Inhoud
Bekabeling van het installatienetwerk
Zo maak je verbinding met installatiecomponenten:
-
Controleer welke ethernetpoorten beschikbaar zijn op de Link voor de gekozen configuratie, zie Netwerkinstellingen.
-
Voeg zo nodig een switch toe. Zijn er te weinig ethernetpoorten op de Link beschikbaar, sluit dan een netwerkswitch aan op een van de actieve poorten.
-
Gebruik een afgeschermde CAT-6-ethernetkabel per installatiecomponent. Zorg dat de kabel niet langer is dan 10 meter.
-
Sluit de kabel aan tussen het installatiecomponent en een vrije ethernetpoort op de Link (of de netwerkswitch).
