Inhoud
Modbus RTU-verbinding (RS485)
De Link ondersteunt communicatie met externe installatiecomponenten via het Modbus RTU-protocol. Voor een betrouwbare verbinding moeten alle apparaten in het netwerk "dezelfde taal spreken": ze moeten dezelfde communicatie-instellingen hebben.
-
Noteer de seriële instellingen. Raadpleeg eerst de handleiding van de fabrikant van elk extern Modbus-apparaat en noteer de volgende parameters voor seriële communicatie. Deze moeten in je hele netwerk hetzelfde zijn.
- Baudrate: de communicatiesnelheid (bijv. 9600 bps).
- Databits: het aantal databits per teken (meestal 8).
- Pariteit: de manier van foutcontrole (bijv. geen, even, oneven).
- Stopbits: de bits die het einde van een teken aangeven (meestal 1).
Dezelfde instellingen op elk apparaat
Verschillende instellingen: niet toegestaan
De Link heeft maar één RS485-poort. Vragen de eigenschappen van de installatiecomponenten om meer dan twee homogene netwerken, vanwege verschillende baudrates, dan is een extra Link nodig.
-
Bedraad het seriële netwerk.
In een keten, van apparaat naar apparaat
In een ster: niet toegestaan
De eindpunten van een RS485-netwerk moeten een weerstand van 120 ohm hebben tussen de klemmen A en B, of (+) en (−).
-
Sluit het netwerk aan op de RS485-poort van de Link.
Let op de juiste polariteit. Sluit de positieve klem A/+ aan op de positieve A/+ en de negatieve klem B/− op de negatieve B/−. Verwisselen van deze aansluitingen kan leiden tot communicatiefouten of storing van de apparatuur.
