Inhoud
  1. 0Hoe het samenhangt
  2. 1Het project aanmaken
  3. 2Componenten onboarden
  4. 3Datapuntlijsten indexeren (voor GBS)
  5. 4Data verkennen
  6. 5De Link installeren
  7. 6Netwerkinstellingen
  8. 7Bekabelde verbinding met installatiecomponenten
  9. 8Onboarding op locatie
  10. 9Optimize
  11. 10Het platform gebruiken
Hoofdstuk 10 · Het platform gebruiken

Components

Components is het overzicht van de verbonden componenten. Ga in het zijmenu naar Components, en je ziet alle verbonden componenten.

De componentkaart

De cirkel naast de naam geeft de verbindingsstatus aan:

Cirkel Verbindingsstatus
Groen De verbinding is in orde.
Oranje Er is een actief intern alarm. Beweeg de muis over de cirkel om de alarmcode en omschrijving te zien.
Rood Er is geen verbinding.

Is het component op afstand te benaderen, en is dat tijdens de onboarding zo geconfigureerd, dan kun je op Remote Access klikken om bij de interne instellingen van dat component te komen. Welke componenten dit ondersteunen, zie je in Ondersteunde componenten.

Remote Access

Klik je op Remote Access, dan opent het scherm van het component, bijvoorbeeld van de Komfovent. Gebruik de gebruikersnaam en het wachtwoord die op dat component zijn ingesteld. Zo kun je op afstand de instellingen aanpassen.